De nachten van kater Dirk (4)

Het is nacht. Een diep gespin ronkt op uit zijn borst. Hij denkt aan zijn mensen, aan wat een rare beesten het eigenlijk zijn. Soms doen ze dingen waar hij niks van snapt. Zoals grote kuilen graven in de tuin en daar dan niet in poepen. Geeft niet, hij houdt toch van ze. Als ze heel dicht bij hem zijn en er even helemaal voor gaan zitten, praat hij met ze. Zonder geluid te maken. Soms praat zij dan in gedachtentaal terug. Dan probeert ze hem te waarschuwen voor die vent met dat geweer. Of voor de verpletterende kracht van stinkend zwart rubber. Ze weet niet wat hij allemaal nog meer in haar gedachten leest. En waarvoor hij háár allemaal zou willen waarschuwen. Voor dingen die vanbinnen zitten, in haarzelf. En dingen die buiten gebeuren. Zoals het bonenveldje langs de vaart, dat soms zo vies ruikt. En dat daar nu allemaal dode meeuwen op liggen.
 

Soms vraag ik me wel eens af of het mogelijk is om Dirk een zendertje om te doen. Dan weet ik tenminste eindelijk waar hij ’s zomers altijd uithangt. Misschien zwerft hij helemaal niet als een soort blije roverhoofdman door bos en veld. Misschien is hij eigenlijk gewoon een rotkat die van twee walletjes tegelijk eet, en er aan de andere kant van het dorp nog een tweede gezin op na houdt.

(Wordt vervolgd…)

Lees ook:De nachten van kater Dirk (3)
Lees ook:Nationale gedichtendag (2)
Lees ook:De nachten van kater Dirk (1)
Lees ook:Hondengeblaf binnekort verboden in Noorse Fjell
Lees ook:Mijn kat plast in huis!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.