De angstige eerste keer naar buiten

Op de dag dat ik er toch aan moet geloven, dat mijn mannetjes zo langzamerhand klaar zijn voor de boze buitenwereld, komt mijn zus (dierenarts in spé) aanzetten met een tuigje. Doodsbang als wij zijn voor een wegloper, begeleiden we hun buitenspeelproces nauwkeurig. Omdat Mozes de makkelijkse is mag hij als eerste.

Zijn eerste stapjes in de buitenlucht zijn voorzichtig en wijfelend. “Ik weet dat ik hier al weken om zeur, maar nu ik allemaal andere vreemde viervoeters tegen kom, wil ik eigenlijk weer gewoon bij mijn baasje op schoot slapen en niet stoer zijn”. Bij de eerste hond drukt het anders zo eigenwijze en nieuwsgierige ventje zich angstig tegen de grond. “Dan ziet hij me niet”. Katten zijn eng, honden zijn enger en bij elke passerende auto verandert hij in een zwart-wit vloerkleedje.

Als Mozes weer binnenkomt moet hij eerst getroosd en geknuffeld worden. “Rustig maar kleintje, je bent weer thuis, de volgende keer zal vast veel beter gaan”.

Lees ook:Maart column; nachtelijke zoektochten en behaarde benen
Lees ook:Geblaf van je viervoeter ook zo zat?
Lees ook:Mozes en hoe zijn naam ontstond
Lees ook:De nachten van kater Dirk (1)
Lees ook:Neeeeeee! Géén slakkenkorrels in de tuin!!!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.